Een glimmend schepje, ‘zo een waarmee je als kind je droomkasteel bouwde’, en een cheque van 25.000 euro. Dat was de Over Hoop prijs 2024 van Stichting Over Holland, die op 22 mei werd overhandigd aan Netty Deen, scriba van de kerkelijke gemeente Open Hof. De prijs is voor het Kerkasiel en de beweging die daaromheen is ontstaan, vertelde Martin Noordzij, voorzitter van de stichting. De jaarlijkse prijs gaat naar een initiatief dat iets wezenlijks overhoop haalt, in cultuur of maatschappij.
Het Kerkasiel doet een moreel appel op het hele land, aldus Noordzij. ‘En het laat zien hoe een kleine geloofsgemeenschap veel overhoop kan halen. Bestuurders moeten zich daarmee verhouden.’ Deen benadrukt dat de prijs niet alleen voor de Open Hof is, maar voor alle mensen die meehelpen met het Kerkasiel.
Emeritus predikant Kasper Jager van de Open Hof is blij met de prijs: ‘Vooral omdat deze prijs het doel van het Kerkasiel weer onder de aandacht brengt.’ Op de dag van de uitreiking is het Kerkasiel anderhalf jaar plus één dag gaande. ‘Een uitputtingsslag’, erkent Jager, zowel voor de organisatie als voor de familie Babayants die door het Kerkasiel beschermd wordt. ‘Er is vermoeidheid, maar ook vastberadenheid en trouw. We doen dit samen.’
Herman Stomphorst, contactpersoon voor de familie Babayants, ziet het Kerkasiel als een oefening in hoop. ‘We hebben een prijs gewonnen, maar dat maakt ons nog geen winnaars.’ Opgeven is geen optie, want het uitzetten van gewortelde kinderen, zoals die van het gezin Babayants, is té schadelijk.
‘En er is een beweging ontstaan’, merkt Stomphorst op. ‘Kijk maar naar de demonstratie vóór de opvang van asielzoekers in Utrecht deze week.’ En er is een overweldigende reactie op de kaartenactie van het Kerkasiel. Daarvoor kunnen mensen kaarten bestellen die ze via de Open Hof sturen naar de Minister van Asiel en Migratie en de 17 woordvoerders Asiel en Migratie in de Tweede Kamer. Stomphorst kondigde aan dat alle kaarten die zijn geschreven in juni naar Den Haag worden gebracht. ‘Dat willen we samen doen, we willen laten zien dat de zachte krachten met meer zijn.’


























